Zeldzame rassen bij Stal Wolfs

Levend erfgoed op vier poten,  zomaar recht voor Uw neus in Lelystad
Als u de naam Stal Wolfs hoort, denkt u aan paarden.
Logisch. Maar wie goed rondkijkt op ons terrein, ontdekt dat er méér leeft dan vierbenigers met een zadel op de rug.
Aike en Jan  fokken als hobby vier zeldzame diersoorten: twee koeienrassen en twee schapenrassen die u niet zomaar op elke boerderij tegenkomt.
Sommige van deze rassen stonden zelfs ooit op het punt te verdwijnen.
Dat ze er nog zijn, is te danken aan fokkers zoals Aike, die niet kiezen voor de makkelijkste weg, maar voor de mooiste.
Maak kennis met vier bijzondere dierenrassen met een mooi Nederlands verhaal.

Onze schapen

De Flevolander, geboren in LelystadFlevolanders bij Stal Wolfs

We kunnen er natuurlijk niet om heen: de Flevolander is een schapenras dat in de jaren zeventig letterlijk is ontwikkeld ín Lelystad.
Onderzoekers wilden een schaap dat veel lammeren krijgt, snel groeit en het hele jaar door te paren is. En dat lukte.
Het ras is ontstaan door een Fins schaap, bekend om zijn grote tomen (vijflingen waren geen uitzondering), te kruisen met een Frans vleesschaap.
Het resultaat: een schaap dat drie keer per twee jaar zonder gedoe lammeren kan krijgen.
Drielingen zijn gewoon normaal.
Maar waarom is het dan zeldzaam?
Simpel: zodra er een ander schapenras op de markt kwam dat net wat meer opbracht, stapten veel boeren over.
De Flevolander raakte langzaam uit beeld. In 2020 werd het ras officieel op de lijst van bedreigde dieren gezet.
Dat is pas zes jaar geleden.
Leuk feitje: Er staan minder dan 1000 Flevolanders ingeschreven in het officiële register. Ter vergelijking: een doorsnee Nederlandse polder telt op een zondagmiddag meer mensen die een ommetje maken.

De Zwartbles, Ras van het Jaar 2025

Stelt u zich voor: een groot, donker schaap met een trotse houding, witte sokjes, een witte staartpunt en een witte bles op een zwarte kop.
De naam is een beetje verwarrend: de bles ís wit, maar staat op een zwart hoofd.Friese logica misschien?
De Zwartbles is een puur Nederlands ras, ontstaan rond 1900 in Friesland en Drenthe.
Het schaap geeft veel lammeren, is rustig van karakter, geeft genoeg melk en levert goed vlees.
Kortom: een fijn dier voor zowel de hobbyhouder, als de boer die er zijn brood mee verdient.
Die bruinzwarte wol is trouwens zeer geliefd bij mensen die spinnen of vilten.
En wist u dat de Zwartbles in Engeland een eigen register heeft met meer dan tienduizend dieren?
Meer dan in Nederland zelf.
In de jaren zeventig waren er nog maar zeven fokkers met in totaal 230 ooien en elf rammen. Nu zijn er bijna 1500 raszuivere ooien geregistreerd, en het gaat de goede kant op.
Actueel nieuws: De Stichting Zeldzame Huisdierrassen heeft de Zwartbles dit jaar uitgeroepen tot Ras van het Jaar 2025. En terecht want dit schaap bewijst al jaren dat zeldzaam en nuttig prima samen gaan.

Onze koeien

De Lakenvelder, een koe met een laken om de buik

Als u een Lakenvelder ziet, begrijpt u de naam meteen: een zwarte of rode koe met een brede witte band over de rug en buik, alsof er een laken overheen is gelegd.
Verder geen witte vlekken, alleen dat laken. En die tekening is al meer dan 600 jaar precies hetzelfde.Lakenvelder bij Stal Wolfs
De Lakenvelder is een van de oudste koeienrassen van Nederland.
Al in de 12e eeuw wordt het beschreven, en op een schilderij uit 1450 staat er zelfs al een afgebeeld.
Vroeger was dit de koe van de adel en de rijke landgoedeigenaren, niet omdat hij zoveel melk gaf, maar gewoon omdat hij er zo mooi uitzag.
Vandaar de bijnamen: ‘parkrund’ of ‘kasteelrund’.
In de jaren vijftig mocht er door een nieuwe wet alleen nog gefokt worden met stieren van erkende rassen.
Maar het Lakenvelder register was al eerder opgeheven.
Resultaat: fokken werd verboden, en het ras stond bijna op nul.
Wereldwijd waren er nog maar een paar honderd over.
Een handvol koppige fokkers hield gelukkig het ras in leven.
Nu zijn er wereldwijd zo’n 3000 tot 3500 Lakenvelders, en het gaat langzaam beter.
Het is een koe die zowel melk als vlees geeft.
De melkopbrengst is lager dan bij een gewone melkkoe (gemiddeld 6000 liter per jaar, terwijl een standaard zwartbonte koe al snel 9000 liter haalt), maar de kwaliteit is goed.
Het vlees scoort uitstekend bij blind proeven.
En verder: geen duur aanvullend voer nodig, nauwelijks gedoe bij het afkalven, een vriendelijk karakter en een leeftijd van soms wel 15 jaar.
Leuk om te weten: De Lakenvelder staat op de ‘Ark van de Smaak’ van de Slow Food beweging, een internationale lijst van bijzondere producten die dreigen te verdwijnen. En eerste Nederlands koeienras zegt dat heel wat.

De Groninger Blaarkop, de polderpanda

Groninger Blaarkop bij Stal WolfsKoe in jacquet. Polderpanda.
De Groninger Blaarkop heeft meer bijnamen dan een rockster, en terecht: het is een opvallend dier.
Zwart of rood van kleur, maar met een witte kop, witte buik, witte staartpunt en witte sokken.
En rondom de ogen zitten ronde gekleurde vlekken, de ‘blaren’ genoemd.
Vandaar de naam.
Dit ras bestaat al minstens sinds de 14e eeuw in Nederland.
Begin 1900 bestond de helft van alle koeien in de provincie Groningen uit Blaarkoppen. Ze werden ook gehouden in de omgeving van Leiden en Utrecht, waar ze werden gemolken voor kaas.
Toen kwamen de jaren zestig en zeventig: boerenbedrijven werden groter en bijna iedereen stapte over op de zwartbonte koe die meer melk gaf.
De Blaarkop zakte toen helaas weg.
In 1998 waren er nog maar zo’n 1000 koeien over en slechts 15 stieren die mochten fokken.
Het scheelde maar weinig of het ras was verdwenen.
Maar de Blaarkop maakte een comeback. Biologische boeren ontdekten dat dit ras perfect past bij een wat natuurlijker manier van werken: het dier heeft weinig extra voer nodig, kan goed tegen kou en regen dankzij een dichtere vacht, en staat rustig in de wei. Nu zijn er al weer zo’n 3000 raszuivere koeien gelukkig.
Historisch feitje: In 1699 verscheepte de gouverneur van de Kaapkolonie Blaarkopstieren naar Zuid-Afrika. Een stukje Groningen, dat letterlijk de halve wereld over heeft gevaren.

Waarom dit ertoe doet

Het houden van zeldzame rassen klinkt misschien als een hobby voor liefhebbers. En dat is het eigenlijk ook, maar het is tegelijk veel meer.Lakenvelder bij Stal Wolfs
Al deze dieren zijn door de jaren heen precies geworden wat ze zijn: sterk, gezond en goed aangepast aan de Nederlandse omstandigheden.
Ze hebben weinig extra zorg nodig, worden oud en zijn bestand tegen ziekten.
Dat zijn eigenschappen die je niet terug vindt bij rassen die alleen maar op productie zijn gefokt.
En elk ras heeft zijn eigen mooie verhaal.
De Lakenvelder belandde zelfs op een middeleeuws schilderij. De Blaarkop die met een schip naar Zuid-Afrika voer. De Flevolander die zijn roots heeft in een Lelystad laboratorium. En de Zwartbles die in Engeland bekender is dan thuis.
En bij Stal Wolfs lopen ze gewoon rond.
Dat vinden wij best bijzonder.

Interesse in vlees of dieren?

De zeldzame rassen van Aike en Jan worden gefokt voor verkoop en behoud van het ras. Bent u geïnteresseerd in het kopen van een dier, of wilt u meer weten? Neem dan gerust contact op. We vertellen er graag meer over tijdens een bezoek aan de stal.

Stal Wolfs, Lelystad | info@stalwolfs.nl | +31 (0)6 53 10 49 12

Tot ons volgende blog,
Aike en Jan Wolfs

Bronnen: Stichting Zeldzame Huisdierrassen ( szh.nl )
• Wageningen University & Research
• Nederlands Flevolander Schapenstamboek
• Vereniging Lakenvelder Runderen
• Blaarkopstichting

One Comment

Leave a Reply